Bi(bli)ografie MacLean, Alistair ( 1922 - 1987)

Biografie:

Alistair Stuart MacLean (Glasgow, 28 april 1922 - München, 2 februari 1987) was een Schotse romanschrijver. Hij schreef vele spannende avonturenverhalen en succesvolle thrillers, waarvan The Guns of Navarone en Where Eagles Dare de meest bekende zijn. Soms gebruikte hij het pseudoniem Ian Stuart.

MacLean was de zoon van een predikant, en leerde Engels als tweede taal naast zijn moedertaal Schots-Gaelisch. Hij werd geboren in Glasgow maar bracht zijn jeugd grotendeels door in Daviot, in de buurt van Inverness.

Hij ging bij de Royal Navy in 1941, en diende in de Tweede Wereldoorlog. Hij werd eerst ingedeeld op de raderstoomboot Bournemouth Queen, een omgebouwd excursieschip dat geschikt was gemaakt voor luchtafweerkanonnen, en vervulde zijn dienstplicht aan de kust van Engeland en Schotland.

Vanaf 1943 diende hij op de HMS Royalist, een lichte kruiser uit de Dido-klasse. Op de Royalist kwam hij diverse malen in actie. In 1943 op het Atlantische oorlogstoneel, in twee Noordpool-konvooien, en bij de begeleiding van vliegdekschepen die werden ingezet werden tegen de Tirpitz en andere doelen bij de Noorse kust. In 1944 op het Mediterraanse oorlogstoneel, als onderdeel van de invasie van Zuid-Frankrijk; tevens hielp hij bij het tot zinken brengen van blokkadebrekers bij Kreta en het bombarderen van Melos in de Egeïsche Zee. Het verhaal gaat dat MacLean in deze periode gewond zou zijn geraakt tijdens een kanonneeroefening. En in 1945, op het Verre Oosten-oorlogstoneel, tijdens het begeleiden van vliegdekschepen die ingezet werden tegen Japanse doelen in Birma, Malaya en Sumatra. MacLean beweerde later dat hij op dit laatste oorlogstoneel gevangengenomen werd door de Japanners en gemarteld, maar dit is door zowel zijn zoon als zijn biograaf betiteld als dronkenmanspraat. Na de Japanse overgave hielp de Royalist bevrijde krijgsgevangenen te evacueren uit de Changi-gevangenis in Singapore.

MacLean werd in 1946 ontslagen uit de Royal Navy. Hij ging Engels studeren aan de Universiteit van Glasgow, slaagde in 1953, en ging daarna werken als leraar. Tijdens zijn studie aan de universiteit begon MacLean met het schrijven van korte verhalen, om wat extra inkomsten te verdienen. Hij won een schrijfwedstrijd in 1954 met het zeevaardersverhaal Dileas. De uitgeverij Collins vroeg hem een novelle te schrijven en hij gaf hen Zr.MS. Ulysses, een verhaal gebaseerd op zijn eigen oorlogservaringen én die van zijn broer Ian, een gediplomeerd zeeman. De novelle was een groot succes en MacLean kon zich al vrij snel geheel wijden aan het schrijven van oorlogsverhalen, spionnenverhalen en andere avonturen.

In de vroege jaren zestig, publiceerde MacLean twee novelles onder het pseudoniem ‘Ian Stuart’ om te bewijzen dat de populariteit van zijn boeken te danken was aan de inhoud, en niet aan zijn naam op de kaft. De boeken verkochten goed, maar aangezien MacLean geen enkele poging deed om iets aan zijn schrijfstijl te veranderen, is het heel wel mogelijk dat zijn fans hem makkelijk hebben herkend, ondanks zijn Schotse pseudoniem.

MacLeans latere boeken werden niet zo goed ontvangen als zijn eerdere en, in een poging zijn boeken bij-de-tijd te houden, verviel hij nog wel eens in ongeloofwaardige plots. Hij leverde ook constant een gevecht met alcoholisme wat uiteindelijk tot zijn dood leidde in München in 1987. Hij werd begraven in Céligny in Zwitserland, een paar meter van het graf van Richard Burton.

MacLean is twee keer getrouwd geweest en had drie zoons bij zijn eerste vrouw. Hij kreeg een eredoctoraat Literatuur aan de Universiteit in Glasgow in 1983. bron: Wikipedia

Publicaties:

Als Auteur (onder pseudoniem)

Zwarte Beertjes (Hoofdserie)

De zwarte kruisvaarder

Zwarte Beertjes (Hoofdserie)

Het satanskruid